Slowfeeders

Slowfeeders bestaan er in allerlei soorten en maten. Als je ‘slowfeeder’ letterlijk vertaalt betekent het eigenlijk ‘iets/iemand die langzaam voedt’. En dat is precies het doel van deze producten: ervoor zorgen dat je paard langer over zijn ruwvoermaaltijd doet. Er zitten nog andere voordelen, maar ook nadelen aan het gebruik van een slowfeeder. Voor we daar op in gaan, geven we antwoord op de vraag: ‘Waarom zou je een slowfeeder gebruiken?’ 

 

De basis van een paardenrantsoen bestaat uit ruwvoer zoals hooi, voordroogkuil en/of gras. Zijn hele maagdarmstelsel is hier op ingesteld. Het is dan ook belangrijk dat een paard voldoende ruwvoer van goede kwaliteit binnenkrijgt. In de natuur is een paard zo’n 14 tot 16 uur per dag bezig met (het zoeken naar) voedsel. Hij krijgt de hele dag door kleine beetjes eten binnen, voornamelijk gras. Bij paarden die een groot deel van de dag in een stal gehouden worden, ziet het dieet er vaak wat anders uit. Het is in ons land, met onze weilanden, praktisch onmogelijk om alle paarden 16 uur per dag op een weiland te laten grazen. Helemaal als je er ook nog zeker van wilt zijn dat je paard voldoende energie en de juiste voedingsstoffen binnenkrijgt. Daarom worden de paarden vaak bijgevoerd met hooi of voordroogkuil. 

 

Gemiddeld doet een paard er 40 minuten over om één kilo hooi op te eten. Een paard van 600 kilo heeft gemiddeld 10 kilo hooi per dag nodig. Dat betekent dat hij op een dag ongeveer 6 tot 7 uur bezig is met het eten van hooi. Dat is een stuk korter dan in de natuur. Weidegang of stro als stalbedekking kan al helpen om het foerageergedrag te verlengen, maar je zou dus ook voor een slowfeeder kunnen kiezen. Zoals we in de inleiding al aangaven heeft een slowfeeder als doel dat het paard zijn ruwvoer minder snel kan opeten en hij er dus langer mee bezig is. Dit is goed voor zijn gezondheid en het welzijn. 

 

Er zijn verschillende slowfeeders te koop, maar je kunt er ook zelf een in elkaar knutselen. Over het algemeen kun je de slowfeeders verdelen in hooinetten en hooibakken. Hierop zijn veel varianten te vinden. We zullen nu de algemene voor- en nadelen van deze twee type slowfeeder bespreken. Ten eerste zijn er de hooinetten. Je kunt standaard hooinetten kopen, maar er bestaan ook hooizakken (zak met één opening aan de voorkant), hooikussens (soort kussensloop met mazen aan de bovenkant, kunnen op de grond gebruikt worden) en grote hooinetten die over een complete baal hooi geplaatst kunnen worden. Je ziet ook grote netten die tussen twee palen gespannen worden. 

 

De mazen (openingen in het net) kunnen van grootte verschillen. Hoe kleiner de maas, hoe meer moeite het paard moet doen om het ruwvoer te pakken te krijgen en hoe langer de voertijd zal zijn. Let wel op het gedrag van je paard. Sommige paarden raken erg gefrustreerd als ze moeilijk bij het ruwvoer kunnen komen. In dat geval zou het verstandig kunnen zijn om bijvoorbeeld een slowfeeder met grotere mazen te gaan gebruiken. Het voordeel van hooinetten is dat ze relatief goedkoop zijn en er minder ruwvoer verspild wordt. Het nadeel is dat hooinetten vaak hoog opgehangen worden  vanwege het risico dat paarden (zeker die met ijzers) kunnen blijven haken in het net. Het paard kan zo niet in de natuurlijke eethouding eten (met het hoofd omlaag), waardoor er makkelijk stof in de luchtwegen terecht kan komen. Daarnaast kunnen de kiezen door deze eethouding ongelijkmatig afslijten. 

 

Een andere optie is een hooibak. Je kunt een hooibak aanschaffen maar ook zelf in elkaar zetten. Een hooibak is vaak een bak van bijvoorbeeld kunststof of hout. Daarop plaats je iets met mazen, zoals een draadmat of een net. Ook hierbij geldt: hoe kleiner de maas, hoe moeilijker de ruwvoeropname. Het voordeel van deze bakken is dat er vaak meer ruwvoer tegelijk in kan, vergeleken met sommige hooinetten. Je kunt een hooibak makkelijk in een paddock of weiland plaatsen en ook hierbij zal er minder verlies van ruwvoer zijn. Het grote voordeel is dat de paarden meer in een natuurlijke eethouding eten, de bak staat namelijk op de grond. Als je een kant-en-klare hooibak wilt kopen kan dat best prijzig zijn. Zelf maken is daarom goedkoper, maar kost ook meer tijd. Daarnaast is een goede constructie wel van belang. Paarden kunnen de bak om gaan gooien en dan wil je niet dat het ruwvoer alsnog makkelijk bereikbaar is. Een hooibak kan ook een constructie hebben waarbij de opening met mazen aan de voorkant van de bak zit. Het is dan wel van belang dat de bovenkant van de bak gesloten is. Je zou zo’n type bak bijvoorbeeld met een kliko kunnen maken. Deze bakken zijn makkelijk te vullen en het hooi blijft droog. Een nadeel van dit type bak is dat het paard een schuine eethouding heeft, hij moet zijn hoofd kantelen om het hooi te kunnen pakken. 

 

Zoals je ziet heeft ieder type slowfeeder zijn voor- en nadelen. Let in ieder geval altijd op de veiligheid van de slowfeeder (zeker als je er zelf een maakt) en of het geschikt is voor het paard. Zorg dat er geen scherpe uitsteeksel zijn en het paard niet verstrikt kan raken. Welke je uiteindelijk kiest, en of je er een kiest, hangt af van je persoonlijke voorkeur, je budget, huisvesting en type paard(en). 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Het e-quine.com jongerenkamp

In de zomervakantie organiseren we voor alle paardengekken tussen de 10 en 15 jaar gave Paard & Gedrag jongerenkampen. Wil jij wakker worden op stal en elke dag met de paarden aan de slag gaan? Geef je nu op!

Klik hier voor meer informatie of om je in te schrijven