Betere voeding, betere vruchtbaarheid?

Paarden zijn gemaakt om kleine hoeveelheden per keer te eten, met voer dat geschikt is om aan te knabbelen. Het moderne voermanagement is vaak heel anders met beperkte toegang tot voer, één of meer grote krachtvoermaaltijden per dag en lange periodes waarin het paard niets te eten heeft. Terwijl de conclusies van onderzoek naar voermanagement steeds op hetzelfde uitkomen: het lijkt erop dat paarden het meest gezond en tevreden zijn als hun voerschema sterk lijkt op het natuurlijke schema. Een recente studie naar de vruchtbaarheid van fokmerries lieten dezelfde resultaten zien.

  

Het onderzoek werd uitgevoerd bij de Tunesische nationale fokinstelling in Sidi Thabet. Honderd merries werden verdeeld in twee groepen. De merries waren volwassen, met een leeftijd van 4 tot 21 jaar. Merries in de ene groep (beperkte voeding) kregen één maaltijd van 10 kilo hooi in de stallen waar ze ’s nachts verbleven. Merries in de andere groep (continu voeding) kregen de helft van het hooi overdag en de rest ’s nachts in de stal. Alle merries werden 17 uur per dag op stal gehouden en kwam 7 uur buiten. Ze kregen ook gerst als dagelijks krachtvoer.  

 

Alle merries werden gecontroleerd op bereidheid om gedekt te worden door te schouwen maar ook door rectale palpatie en echo’s. Elke merrie werd vervolgens natuurlijk gedekt of werd kunstmatig geïnsemineerd door vers of bevroren sperma. Van de merries in de ‘continu voeding’ groep was 81% bevrucht, met maar twee abnormale oestruscycli (hengstigheidcyclus). Van deze 81% was 59% bij de eerst keer bevrucht. Van de merries in de ‘beperkte voeding’ groep was 55% bevrucht en hadden 16 gevallen een abnormale cyclus. Hierbij was 32% bij de eerste keer bevrucht.  

 

De paarden kwamen om dezelfde tijd en even lang buiten en kregen in totaal dezelfde hoeveelheid hooi en krachtvoer. Het verschil in het voeren van het hooi was de enige variabele. De onderzoekers suggereerden dat het voeren van hooi op een semi-continue basis (dus verdeeld over de dag) zorgde voor minder stress en zorgde dat het verteringsstelsel van de merries normaler bleef functioneren dan wanneer het hooi een keer per dag werd aangeboden. Hun aanbeveling was om merries zo dicht mogelijk bij hun natuurlijke voergedrag te houden om zo de vruchtbaarheid te maximaliseren.  

Geef een antwoord