Voorbereiding

Uiteraard wil je elke training met je paard zo succesvol eindigen als mogelijk. Maar soms beginnen we de training chaotisch en heeft dit een invloed op hoe goed je eindigt. Hieronder geven we je een aantal tips voor een goede voorbereiding van je trainingssessies. Want je weet wat ze zeggen; Een goede voorbereiding is het halve werk.

 

  1. Zorg dat je voldoende tijd hebt. Paarden snappen het principe van haast niet. Ze hebben geen idee als je de training begint, wat je wil bereiken of wanneer jullie klaar zijn. Hij kan hierin alleen afgaan op wat jij hem vertelt. Denk je dat je een kwartier nodig hebt, dan duurt het vaak de hele dag. Als je denkt dat je de hele dag nodig hebt, dan duurt het een kwartier! 
  2. Zet jezelf en het paard op voor succes. Stel geen onrealistische doelen en neem kleine stapjes in je training. Bij een paard helpt vaak beter om vijf keer een korte training te doen die je elke keer succesvol afsluit, dan één lange training waar je een heel hoog doel probeert te behalen. Een paard leert door herhaling. Probeer het dus voor je paard zo makkelijk mogelijk te maken om het goed te doen.
  3. Bereid je goed voor. Deze spreekt misschien voor zich, maar vaak zien we dat hier toch vaak te weinig tijd voor wordt genomen. Bedenk van tevoren welke oefeningen je gaat doen (en waarom!) en leg je materialen al klaar. Dit zorgt ervoor dat je straks lekker kunt doorwerken. Hierdoor kan je ook goed je focus houden op de training en hoef je niet halverwege je training te onderbreken. 
  4. Begin zo open mogelijk. Het paard heeft geen idee wat het verwachte eindresultaat is. Hij leeft in het hier en nu en reageert enkel op zijn omgeving en op wat jij hem aangeeft. Blijf tijdens de training ook goed lezen wat je paard je probeert te vertellen en pas daar je doelen weer op aan. Denk dus vooraf zeker na over een trainingsplan, maar wordt er niet verliefd op!  
  5. Verken met je paard eerst het terrein. Op deze manier heeft het paard de ruimte al verkend en zal hij minder snel schrikken van de omgeving. En kan je hopelijk de training beginnen met een paard dat goed op jou gefocust is.
  6. Zorg dat de plek waar je traint veilig is. Besteed altijd aandacht aan het creëren van een veilige plek om te trainen. Denk van tevoren erover na of de omgeving afgesloten en veilig is, mocht het paard schrikken of zich lostrekken. Check ook regelmatig je materiaal om ervoor te zorgen dat het niet kapot gaat tijdens een training en voor een gevaarlijke situatie zorgt.
  7. Accepteer als het een keertje minder goed gaat. Tot slot: soms heb je het gevoel dat niks lukt in een training. Hoe goed je je ook hebt voorbereid, het voelt die dag voor jou en je paard niet goed aan. Het gevaar schuilt in dat je gefrustreerd wordt en over je eigen en het paard zijn grenzen heen gaat. Accepteer dat je soms een mindere dag kan hebben. Probeer te zoeken naar een element in je training dat wel goed gaat, en eindig hiermee. 

Geef een antwoord